Op 21 december werd de wijziging geïntroduceerd bij Koninklijk Besluit Wet 7/2023 van 19 december in art. 37.4 van het Arbeidersstatuut (ET), dat de regeling van borstvoedingsverlof flexibeler maakt.
Borstvoedingsverlof geeft het recht om afwezig te zijn van het werk tot het kind 9 maanden oud is. Er zijn verschillende bewegingsmodaliteiten mogelijk, zoals het afwezig zijn van 1 uur per dag of in twee fracties, het inkorten van een half uur op de werkdag of het opbouwen van hele dagen. Tot nu toe was de accumulatie van volledige dagen toegestaan zoals vastgelegd in de collectieve onderhandelingen of overeenkomst tussen de partijen, zoals voorzien in de meeste huidige collectieve overeenkomsten.
De wijziging bestaat erin de cumulatie van verlof tot volledige dagen mogelijk te maken, zonder afhankelijk te zijn van de vraag of deze mogelijkheid in de cao is voorzien dan wel er tussen partijen een akkoord is bereikt. Het doel van deze hervorming is het voltooien van de omzetting van Richtlijn 2019/1158, die betrekking heeft op de combinatie van gezins- en beroepsleven van ouders en verzorgers. Deze richtlijn werd eerder omgezet bij Koninklijk Wetsbesluit 5/2023 van 28 juni, zoals beschreven in het artikel "Licht en schaduw met betrekking tot de combinatie van werk en privéleven."
Vanaf nu kunnen werknemers ervoor kiezen om vrijwillig het genot van één uur dagelijkse afwezigheid te vervangen totdat het kind negen maanden oud wordt, door dit op te bouwen tot volledige dagen, zonder de eerdere beperkingen. Deze wijziging beperkt zich tot dit aspect, zonder wijziging van de berekening of de duur van de opbouw, die afhankelijk blijft van de omstandigheden van het geval en wordt berekend vanaf de datum van het einde van de geboorteschorsing.
Het is belangrijk om te benadrukken dat deze wetswijziging samenvalt met de publicatie van de uitspraak van het Hooggerechtshof (TS) van 21 november 2023 (ECLI:ES:TS:2023:5160), die het debat over de berekening van borstvoedingsverlof voor een deel beslecht. -tijdwerkers in de accumulatiemodaliteit.
De uitspraak bepaalt dat deeltijdwerknemers geen minder gunstige behandeling mogen krijgen dan voltijdwerknemers wanneer zij borstvoedingsverlof genieten. De totale duur van het verlof, uitgedrukt in arbeidsuren, is voor alle werknemers gelijk. Daarom bestaat de juiste formule erin het totale aantal resterende werkdagen totdat de jongste negen maanden wordt, te delen door de werkuren die overeenkomen met de dag van de werknemer.
Samenvattend zorgen de wettelijke wijziging en de TS-uitspraak ervoor dat het totale aantal verlofuren hetzelfde is, ongeacht of er dagelijks één uur afwezigheid wordt gebruikt of onder de alternatieve wijze van optelling ervan in hele dagen.
Indien u meer informatie wenst over deze wetswijzigingen of specifieke vragen heeft over de toepassing ervan, aarzel dan niet om contact op te nemen met Fimax Asesores. Wij zijn er om u het nodige advies te geven.



